C1 Omschakelen naar een duurzame biologische melkveehouderij. Wat betekent dat voor de boer en de (regionale) bestuurder?

Wat betekent omschakeling van een gangbaar werkend melkveebedrijf naar biologische of naar biodynamische bedrijfsvoering? Edith Finke van DLV advies besprak dit met Rozemarijn Karsemeijer van boerderij Sterreschans uit provincie Utrecht en met Maria Inckmann van Gaalen van boerderij Noorderlicht uit Zuid Holland. Waar kunnen boeren die zich oriënteren op verduurzaming van hun bedrijf terecht? Hoe zit het met bedrijfsaanpassingen, de financiën, met bestemmingsplannen, met subsidies, met omgevingsvoorwaarden? Wat komen boeren in dit proces tegen en hoe kunnen bestuurders het proces faciliteren?

Kernpunten
Er zijn verschillende redenen te noemen waarom boeren nu niet biologisch willen worden: onbekendheid met de werkwijze en ideologie, de toename in arbeid, de omschakelkosten, de regelgeving, de markt, en de beeldvorming rondom biologisch boeren.

Er zijn ook veel redenen waarom veel boeren toch de stap maken: toekomstbestendig willen zijn, werken aan een toename van de biodiversiteit, zorgen over de eindigheid van grondstoffen en de overtuiging dat biologische producten gezonder zijn.

Toch is de omschakeling een flinke opgave, aldus Maria Inckmann van Gaalen, van boerderij Noorderlicht. Zij stapte over van gangbare landbouw naar biologisch dynamisch. Rozemarijn Karsemeijer, boerderij Sterreschans schakelde ook om en sluit zich aan bij Maria. Je moet praktische kennis ontwikkelen, afzet hebben en financiering krijgen. Banken zijn op dit laatste niet happig in verband met een vermeende toename van onzekerheid. Bovendien gaat een groot gedeelte van de kosten naar de ‘fictieve’ toename in waarde van de landbouwgrond. Dit is spannend, want met de huidige melkprijzen werk je als boer nu voor minder dan het minimumloon.

Er liggen kansen voor verbetering. De overheid en de bestuurders zijn aan zet om de biologische boer beter te ondersteunen. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door natuurbeheer beter te belonen, externe input van (kunstmatige) grondstoffen te beperken of te verbieden en structurele subsidie voor duurzame praktijken te verstrekken. Dus niet slechts een tijdelijk omschakelfonds en al helemaal niet het uitkopen van boeren. Dat is slechts het probleem verplaatsen.

Vervolgstappen
Zoals gezegd is de overheid aan zet. De overheid kan:
Andere regelgeving opstellen: geef voorrang aan de boeren die het wel goed doen. Je kan extensiveren door minder vee te hebben, maar dan moet er wel vergoeding tegenover staan.
Omschakelen vergemakkelijken door bij te dragen aan kennisontwikkeling en financieringsmogelijkheden.
Per gebied specifiek kijken welke vorm van landbouw geschikt is. Maatwerk dus!

Werken aan het herstellen van vertrouwen.

Betrokkenen
Edith Finke, DLV Advies LinkedIn
Rozemarijn Karsemeijer, boerderij Sterreschans LinkedIn
Maria Inckmann van Gaalen, boerderij Noorderlicht